INTERVIEW

door MARCEL SCHOPMAN, Directeur van het Nationaal Muziekinstrumentenfonds

Cellist Jascha Albracht vormt een muzikaal duo met pianiste Laura de Lange. Twee warme, inspirerende, uitgesproken mensen, om wie je niet heen kunt. Vol geloof in de muziek, de toekomst, in hun samenwerking. Samen vormen zij al enige jaren een geolied duo, nadat ze oorspronkelijk in 1997 als trio waren begonnen. Hij speelde gedurende vier jaar op een Winterling cello, hem in bruikleen gegeven door het MuziekinstrumentenFonds, zij op de vleugel – niet van het NMF. Kort geleden verruilde Jascha de Winterling voor een nóg betere cello van het Fonds: een Sebastien Philippe Bernardel (Parijs 1865),  daarvoor in gebruik bij een cellist van het Koninklijk Concertgebouworkest.

Foto: Sjaak Ramakers, collectie NMF

Bevlogen mensen, deze twee. Bevlogen musici ook. Beiden schijnbaar “toevallig” op het conservatorium terechtgekomen – zij deed “als grapje” toelating en verruilde direct haar universitaire studie voor de muziek toen ze werd toegelaten, hij wilde eigenlijk viool spelen, maar vanwege zus Cindy, die dat instrument al voortreffelijk bespeelde, koos hij voor de cello. Overigens is Jascha later ook nog piano gaan studeren en hij toont zich ook daarin een begaafd musicus. Piano was zijn tweede hoofdvak aan het conservatorium van Maastricht, in de pianoklas van Joop Celis.

Een van de projecten waar het duo aan werkt is het herontdekken en opnemen van de muziek van Laura’s betovergootvader Daniël en diens broer Samuel de Lange jr., die samen een cello/pianoduo vormden en daar ook muziek voor schreven. De broers de Lange waren bekende figuren in het 19e eeuwse Nederlandse muziekleven en waren bijvoorbeeld bevriend met Brahms en Reger.

Naast “serieuze” klassieke muziek staat er ook andere muziek op het repertoire. Zo speelde Jascha mee op de laatste cd’s van Boudewijn de Groot en Gerard van Maasakkers en had Laura een nogal hilarisch trio met twee zangeressen onder de titel “Hard, Hoog en Lelijk” en werkt ze mee aan kleinkunst-produkties. Maar welke muziek ze ook spelen, ze zetten zich altijd enthousiast in voor hun projecten, zoals het lijkt alsof ze zich voor alles met 100% inzetten. Voor de muziek, voor hun publiek, voor elkaar – en dat merk je! Dat het NMF zich op haar beurt graag inzet voor dit soort musici, spreekt voor zich.

Jascha is duidelijk over de betekenis van de cello’s die hij van het NMF in bruikleen heeft (gehad). Vroeger bespeelde hij een (vermeende) Amati, niet van het Fonds, maar afkomstig van Carel van Leeuwen Boonkamp, een van de aanvoerders van het Koninklijk Concertgebouworkest. Het was echter een moeilijk bespeelbaar instrument, vooral kamermuzikaal van karakter. De Winterling cello speelde daarentegen erg gemakkelijk en gaf  een enorme boost aan zijn muziekleven. De Bernardel die hij thans bespeelt is in alle opzichten een klasse beter. Jascha heeft het gevoel dat hij nog iedere dag nieuwe dimensies in het instrument ontdekt. “Het duurt nog wel even voordat we elkaar door en door aanvoelen, maar het is nu al fantastisch om zo’n mooie cello te mogen bespelen!” zegt hij daarover. Een cello is voor hem niet per definitie een partner voor het leven – en hij heeft er zelfs zo nu en dan een haat-liefde verhouding mee. In zijn denken over het instrument is niets menselijks hem vreemd, zeg maar……